Dichter: Jacobsen, Thomas Er staat copyright op dit gedicht. U mag dit gedicht alleen verspreiden als u de auteursnaam vermeldt. U mag naast de auteursnaam ook de bron vermelden: www.gedichtensite.nl
Submit to FacebookSubmit to TwitterSubmit to LinkedIn
vader en moeder heb ik verlaten,
want ik wilde mijn eigen wegen gaan;
maar ik heb daarbij niet nagelaten
om te vragen, en daar ook op te staan,
om een deel van ’t familievermogen
mee te krijgen en ook mee te nemen,
en daarmee ben ik weggetogen
want al dat geld wilde ik wel claimen

ik ging het leven in voor ’t eigen ik,
ik ging mijn eigen wegen, maar ’t liep mis:
het geld ging op, zo zag ik tot mijn schrik,
geen feesten meer, maar wel bekommernis:
vroegere vrienden gaven niet meer thuis,
uit armoe werd het varkens hoeden,
zo maakte ik mijn leven tot een kruis,
er was niks om mij er mee te voeden

toen kwam ik tot mijzelf, daar, in dat land,
en ik kon zeggen: ’t is mijn eigen schuld,
het ging niet goed, het deugde van geen kant,
en in dit land word ik niet meer geduld;
mijn vermogen, dat heb ik zelf verspild,
tot werken zal het wel niet meer komen,
eigenlijk heeft men mij hier nooit gewild,
‘k ben niet meer welkom, dat heb ‘k vernomen

ik heb waarlijk niets meer in te brengen,
ik kan mijzelf hier niet rechtvaardigen,
en heb ook niets om mijn schuld te verengen,
ook behoor ‘k geenszins tot de eerwaardigen;
aanspraak op iets kan ik niet meer maken,
zou men mij afwijzen, dat is terecht;
zo ligt het, voor wie van De Weg af raken,
het staat duidelijk in de Schrift gezegd

als ik kies om eigen wegen te gaan,
andere dan de paden van de Heer,
zal ik bedrogen uit komen te staan,
waar ik de behoudenis zelf royeer;
het ligt niet aan God, ‘t ligt aan mij alleen:
Hij zegt: komt naar Mij en wordt behouden,
maar mijn hart lijkt wel van louter steen,
aan Zijn Woord heb ik me niet gehouden

dat zie ik nu in, mij blijft niets over,
nu ik zie hoe mis ik zelf ben gegaan,
dat ‘k mezelf niet langer betover
maar het Woord van de Heere ga verstaan:
om naar Hem te gaan, gratie te vragen,
moge Hij mij de scepter toereiken:
de Heer handelt naar Zijn welbehagen,
Heer, wil dat ook aan mij doen blijken

bij Lukas 15 : 12 – 21