Dichter: Mul, Jan Er staat copyright op dit gedicht. U mag dit gedicht alleen verspreiden als u de auteursnaam vermeldt. U mag naast de auteursnaam ook de bron vermelden: www.gedichtensite.nl
Submit to FacebookSubmit to TwitterSubmit to LinkedIn
Het water stond tot aan de lippen,
er was geen water meer,
want een woestijn is dor en droog,
maar drinken moet je telkens weer,

de rots spleet en het water stroomde
op dorre aarde neer,
het morrend volk deed zich te goed,
maar drinken moet je telkens weer,

de Jacobsbron, betwist, omstreden
geeft water, keer op keer,
je put voor elke dag genoeg,
maar drinken moet je telkens weer,

het water dat Ik je kan geven
stroomt nu al door de tijd,
voor wie dorst, een bron van leven,
die water geeft in eeuwigheid,

IK leid je door de dorre vlakten,
geborgen in mijn hand,
door lijden, dood, tot heerlijkheid,
naar het van ouds beloofde land,

naar de rivier van levend water,
die, helder als kristal,
ontsprongen aan de troon van God,
wie dorst heeft eeuwig laven zal.


n.a.v. Ex. 17:1 t/m 7  en Joh.4:1 t/m 15,  39 t/m 42

Reacties  

#1 Ina van der Welle 15-02-2011 20:40
Hallo Jan,
Mooi gedicht vooral die beeldspraak "het water staat aan de lippen", waarmee de hoge nood aangegeven wordt van het zonder water zijn. Het geheel is heel mooi weergegeven voor sommigen is het misschien nodig de bijbel er even bij te pakken.
Dank voor het delen.
groetjes Ina