Dichter: Jacobsen, Thomas Er staat copyright op dit gedicht. U mag dit gedicht alleen verspreiden als u de auteursnaam vermeldt. U mag naast de auteursnaam ook de bron vermelden: www.gedichtensite.nl
Submit to FacebookSubmit to TwitterSubmit to LinkedIn
wanneer wij hier op aarde leven,
dan gaan de jaren ons voorbij:
wat mag de lente ons weer geven?
de zomer komt ook naderbij,
dan volgt de herfst met al haar kleuren,
waarna voor ons de winter wacht;
maar daarna gaat het toch gebeuren:
de lente komt weer, met haar pracht

ligt het ook zo voor ons op aarde?
we worden misschien tachtig jaar;
ons leven heeft een hoge waarde
naar Mozes zegt, en dat is waar:
geslachten gaan, geslachten komen,
alleen God is van eeuwigheid;
wie toevlucht tot Hem heeft genomen,
vindt bij de Heer barmhartigheid

eens eindigt voor ons ’t aardse leven,
dan is het voor ons eeuwigheid,
dan wordt het: verantwoording geven
van wat we deden in de tijd;
dat staat Hierboven opgeschreven,
wij zien wat er geschreven staat
daar, in het boek van ieders leven,
dat alsdan bij Hem open gaat

maar nog een ander boek gaat open:
het boek dat Het Lam Zelf bijhoudt;
en ieder van ons mag nu hopen
die hier op aard Hem heeft vertrouwd
dat God zijn naam heeft ingeschreven
in ’t boek dat in Zijn handen is,
aan die geeft Hij het eeuwig leven
en het komt niet tot een vonnis

want dat heeft Hij voor ons gedragen,
toen Hij uittoog naar Golgotha;
Hij ging voor ons Zijn aardse dagen,
nu leeft de Heer in gloria;
en dat mogen wij nu verwachten:
ieder die in de Zoon gelooft
wie Vader, Zoon, en Geest, hoogachten
zij krijgen wat Hij heeft beloofd:

voor hen zal het slechts blijdschap geven
zij zijn de sterf’lijkheid voorbij,
zij delen reeds in ’t eeuwig leven,
zij komen aan Zijn rechter zij;
wij mogen Sion binnentreden:
daar is de Heer, in Eden’s Hof
het Lam van God, in ’t eeuwig heden
wij zingen daar Zijn eer en lof

bij Psalm 90 : 1 en 10; Lucas 16 : 2;
en Johannes 5 : 24