zij die in de Heer geloven
in Zijn koningschap en majesteit
zij willen Hem eren en loven
en Zijn wegen gaan in d' aardse tijd

ze zijn op weg naar 't vaderland
ze zijn mede-erfgenamen
van de beloften van Zijn hand
voor allen die tot de Heere kwamen

verwachtende de Stad der Steden
met fundamenten door God Zelf gelegd
ontworpen en gebouwd voor een eeuwig heden
door God beloofd en aan ons toegezegd

in dat geloof is hun aardse reis volbracht
zonder de beloften te hebben verkregen
ze hebben het wel uit de verte gezien en verwacht
zo verging het hen op 's Heeren wegen

wat zij aan God en ons hebben beleden:
ze waren vreemdelingen op deze aard'
zij verlangen naar een leven in het eeuwig heden
wat door God voor al Zijn kinderen is bewaard

het is door Hem van eeuwigheid bereid
en in ons hart is het neergelegd:
willen zijn bij de Heere voor altijd
en verlangen naar Hem, naar in Zijn Woord is gezegd

naar een beter, hemels Vaderland
bij de Heere, in eeuwigheid
om te mogen wandelen aan Zijn hand
in Der Steden Stad, door Hem bereid

bij : Hebreeƫn 11:9-16
-

Reacties mogelijk gemaakt door CComment