Dichter: Casier, Greta Er staat copyright op dit gedicht. U mag dit gedicht alleen verspreiden als u de auteursnaam vermeldt. U mag naast de auteursnaam ook de bron vermelden: www.gedichtensite.nl
Submit to FacebookSubmit to TwitterSubmit to LinkedIn
Dagen en nachten ging ik door
het ondoordringbare zwart
van mijn rouwend hart…
 
geen streepje licht
geen vonkje hoop
geen greintje verlangen
 
Het dal van de dood
 
Waar alleen angsten en tranen
mijn metgezel waren
op die nachtelijke woestijntocht
waar schimmen dwaalden
die me deden huiveren
en ineenkrimpen van schrik
en mij isoleerden van mensen
die met hun troostwoorden
nog meer tranen in mij losmaakten
‘het is goed te wenen’, zeiden ze
 
Die nachten dekten mijn tranen toe
onder een ijskoud deken
waaronder ik ook
mijn gedachten wilde stilleggen
angstwekkende beelden uitwissen
verlangens intomen
maar die onverbiddelijke knaging hield niet op
Waarom ik? Waarom moest ik
zo’n kruis dragen, God?
 
Na een eindeloze tocht, kwam er een lichtstraal
ik ging naar buiten en voelde
mij één met de natuur.
Ik liet de wind
mijn huid en haren strelen
en ook de littekens op mijn hart en ziel
werden geheeld.
Had ik ’t maar vroeger geweten
dat God geen traantje vergeet!
  
 

Reacties  

#4 Marij van den Heuvel 26-09-2011 09:11
Een heel herkenbaar gedicht, Greta, en diep omschreven. De onverbiddelijke knaging, maar ook Gods heling!
Dank voor het delen.
Groet, Marij
#3 Adri Kortekaas 24-09-2011 19:30
Dag Greta, dit is niet alleen prachtig geschreven, maar ook - zo laat zich vermoeden - werkelijk doorleefd en aan den lijve ondervonden. En durf het maar te vragen: 'Waarom, God? Waarom ik?' Die vraag is heel bijbels, en zo herkenbaar voor ieder die het leest en meebeleeft. Maar ook ontgaat de lezer niet het hoopvol einde en het licht na de nacht. Een sterk en indrukwekkend getuigenis, waarvoor dank!

En een lieve groet,

Adri
#2 Rita Balder Glas 24-09-2011 18:11
Een huiveringwekken d gedicht met een hoopvol einde!
#1 Tonia van Venetien 24-09-2011 14:37
Heel ontroerend beschreven. Groetjes.