Dichter: Kuyl, J. Jr. Er staat copyright op dit gedicht. U mag dit gedicht alleen verspreiden als u de auteursnaam vermeldt. U mag naast de auteursnaam ook de bron vermelden: www.gedichtensite.nl
Submit to FacebookSubmit to TwitterSubmit to LinkedIn
Nacht
Kamp.

Knokige handen en prikkeldraad...
En een mensch, die hunk'rend te staren staat...
Want zijn huis is zoo ver en zijn vrouw...
En zijn lompen zijn grauw,
En zijn rug bont en blauw,
En voor hem komt verlossing te laat.

Grebbeberg

Zwijgende mannen in de lentenacht...
En een graf dat jeugdige dooden wacht...
Door de boomen ruischt klagend de wind...
Op een krans met een lint,
Staat de groet van een kind,
En een laatste vaarwel en.... rust zacht...

Inundatie

Wijkende dijken en nergens raad...
En een boer, die woedend te vloeken staat...
Want de zee maakt zijn landen kapot...
En hij vecht tegen 't lot,
En hij beeft voor zijn God,
En zijn hart is vol bittere haat...

Executie

Schreeuwende mannen in wilde jacht! ....
En een troep, die biddend en rustig wacht...
Want ze gaven zich over aan God.
En het moorden schot
Maakt een eind aan hun lot,
En ze hebben hun offer gebracht...

Strijd

Nachtactie

Dreunende nachten vol zegezang...
En een stad in doodsnood van ondergang...
Want men heeft zich in hoogmoed vergist.
En de radio wist:
"Acht en veertig vermist", ....
"'t Défilé van den dood wordt zo lang...

Parachutist

Droomende doode op drassig zand...
Want zijn "kist"is vergaan in laaien brand,
En zijn parachute redde hem niet.
En gij, die hem zoo ziet,
O, beseft gij het niet
Dat hij viel voor uw vrijheid, uw land?

Mitraillade

Tuim'lende Jagers in steile bocht...
En een prooi, die macht'loos t' ontkomen zocht....
In de berm valt de treinmachinist.
Want de boordmitraillist
Heeft nog nimmer gemist:
En hij is aan het eind van zijn tocht.

Waan

Jodenjacht

Dreunende slagen op dichte deur...
En een straat in dreiging van mitrailleur,
En de Jodenjacht woedt onbeperkt.
En als slachtvee gemerkt,
In fabrieken verwerkt,
Gaan zij onder in deze terreur!

Melden

Brallende vijand in overmacht...
En een volk, dat sidd'rend zijn oordeel wacht.
Dat het pad der verneed'ring zla gaan.
Zie vol vreeze hen staan...
Want ze melden zich aan...
En de listige slavenbeul lacht....

z.g.n. "Hollandsche" S.S. vertrekt

Schett'rende horens bij zomerzon...
En een toep, die afscheid neemt op 't perron.
Want ze vliegen Stalin op de nek.
Maar in kou en gebrek,
En in modder en drek,
Geeft de man met de zeis geen pardon...

Doorbraak

Doorbaak

Barstende bommen in Juninacht...
En de westwall wordt tot zwijgen gebracht,
In een chaos van bloed en van vuur.
In 't beslissende uur
Breekt d'onneembare muur,
Onder nimmer ontketende kracht!

Arnhem

Bloeiende lusthof aan heuvelrand
Wordt een hel, die van vuur en sulfer brandt,
Waar de adelaar worstelt en woedt...
Aan Eusebius' voet
Vloeit vergeefs heldenbloed....
En verlamd wordt de reddende hand...

Führer

Rookende puinen en vlammenschijn
In een stad, waar enkel ruïnen zijn...
En een man in een bunker, die raast...
't Hamert in hem, verdwaasd,
Dat zijn eind komt met haast,
Want de sikkel zweeft boven Berlijn!

Wending

Capitulatie

Hongerend Holland in stervensnood....
En een volk, dat bijna de hoop ontvlood....
Maar een vijand, die capituleert!
Want de kans is gekeerd,
En zijn kracht is verteerd,
En het leven heerscht over de dood!

Hirosjima

Zwoegende menschen; een kleine bom...
En driehonderd duizend stemmen zijn stom...
In één enkele ondeelbaar moment
Wordt de wereld gewend,
Komt een stad aan zijn end,
Heerschen vrees en verschrikking alom,

Neurenberg

Schimmige grootheid en wrekend recht...
En een poel van misdaad wordt blootgelegd,
Die de wereld met afschuw vervult.
en de schrikkelijke schuld
Wordt volkomen onthuld....
Maar geen woord van berouw wordt gezegd...

Nu...

Uitzicht

Knokige handen; geen dageraad....
Een wereld, die snel naar het einde gaat...
En de vrede is zoo ver; en de dood
Zoo dichtbij, en zoo groot
Is de armoe, de nood,
Van den mensch, die hunkerend te staren staat.
 

Uit: Frontgedichten - J. Kuyl Jr.